(placeholder)

38. Geven en ontvangen

zaterdag 12 januari 2019

Vrijgevigheid en ontvankelijkheid kunnen niet zonder elkaar. Houdt dit voor ogen en je bekomt balans in je leven. Of anders gezegd als je de beweging van geven en nemen en de daarbij horende dankbaarheid in je dagdagelijkse leven met elkaar verbindt dan ontstaat er een wonderbaarlijk leven

Balans bekom je niet als je denken en handelen ‘ik’ gericht zijn. Balans ontstaat juist in het met je hart kunnen geven en evenzo kunnen ontvangen. Het gaat niet alleen over de materiële dingen die we weggeven en ontvangen, het gaat ook over onze levenshouding, wie we zijn, en hoe we zijn; de mens met zijn kwaliteiten en tekorten.

Er zijn twee bepalende gevoelens die het gedrag van al dan niet geven en ontvangen bepalen.

Ofwel ben je wrokkig, voel je je niet gewaardeerd of voel je je gebruikt omdat je altijd de zorgende bent. Of je bent een persoon die altijd verwacht alles van anderen te krijgen. Na een onbepaalde periode krijg je in beide gevallen tenslotte toch het gevoel in je eigen leven vast te lopen en word je leven bepaald door het gevoel dat je geen nieuwe kansen krijgt.

Beide patronen hebben veel baat bij het beoefenen van de balans tussen geven en ontvangen. Het proces van geven en nemen wordt ondersteund door onze houding van dankbaarheid voor wat ‘is’. Als je niet overtuigd bent van het feit dat je leven bepaald wordt door de balans tussen geven en nemen moet je toch eens voor jezelf optellen hoe dikwijls je ontvangt en hoe dikwijls je geeft gedurende een dag. Kijk dan vervolgens naar de graad van je geluksgevoel voor die dag. Op een miraculeuze wijze zijn al die dingen met elkaar verbonden.

Het zijn de donkerste dagen van het jaar, grijze hemel zonder één enkel zonnestraaltje, miezerige regen en dagen van laat licht en vroeg donker worden. Geert zit in zijn zetel bij het raam en kijkt met lege ogen de tuin in, voor hem is er niets dat het leven waard is geleefd te worden. Donkerte en leegte zijn de opvulling van zijn dagen. Geert staat op en loopt de keuken in. Hij scharrelt wat rond en zet een nieuwe kop koffie. Hij staat bij het koffieapparaat te wachten tot zijn koffie klaar is. Terwijl kijkt hij de tuin in. Donkerte en niets zijn zijn waarnemingen. Niets. 

Plots hoort Geert een doffe knal en de grond onder zijn voeten trilt. Zijn aandacht wordt naar het bos achterin de tuin getrokken en het is alsof de bomen voor enkele seconden tot leven komen. En dan is het stil. Nieuwsgierig naar wat dat is loopt Geert de tuin in richting bos. Een heel grote dikke tak heeft zich losgerukt van een grote eikenboom. De tak heeft een lengte van zes meter en heeft in zijn val vele takken van de andere omstaande bomen meegesleurd, wat een ravage. 

De buurman heeft die knal ook gehoord, loopt de tuin in. ‘Hé, Geert dat was nog eens een knal, is er veel vernield?’

   ‘Ja en wat moet ik nu, alles zit me tegen.’

   ‘Opruimen zeker, en zie eens hoe veel brandhout dat er nu uit de lucht is komen vallen.’

   ‘Vind je dat een geschenk? Het is nog meer werk.’

   ‘Zeg Geert je bent toch nog niet dood hé, zal ik je een handje helpen? Ik heb toch geen plannen voor vandaag en het weer valt ook mee om buiten te werken.’

   Het enthousiasme van Hans prikkelt Geert. ‘Wil je me echt helpen?’ 

   ‘Ja natuurlijk, en zo dadelijk komt mijn zoon langs en die vindt een beetje boswerk altijd leuk.’

Hans is al onderweg naar zijn houtschuur voor het nodige gereedschap.Geert loopt in een snelle pas het huis in. De donkerte van een uur geleden is weg. Hij voelt zich lichter en kijkt op een ander manier zijn dag tegemoet. 

Drie mannen zijn gedurende een volle dag bezig met opruimen. Hans zijn vrouw roept hen alle drie binnen voor de lunch. Geert is verrast over zoveel dat hem gegeven wordt. Overvloed. Een gevoel van dankbaarheid ontroert hem. Het is een stroom van mogen ontvangen en geven. 

Een grote stapel gezaagd hout ligt netjes opgestapeld naast het houtkot. 

   Geert kijkt naar het hout en een grote glimlach verschijnt op zijn gelaat. ‘Zeg Hans zullen we de hoop in twee doen?’

   Hans kijkt Geert aan:’ Meen je dat? Je zou me er een groot plezier mee doen want ik zit bijna zonder hout.’

   ‘Ja zeker.’ Geert kijkt zijn buurman aan en in dit mogen geven voelt hij dezelfde dankbaarheid als bij het ontvangen. 

Wonderbaarlijk. 

Als we aan geven denken gaat het niet alleen over materiële dingen maar ook over een glimlach, een hallo zeggen, een woord van bewondering, een compliment, tijd maken voor iemand en/of eerlijk iemand beluisteren. Als het over ontvangen gaat kan het gaan over schoonheid die je dagdagelijks omringt opmerken en ‘dank je wel’ zeggen, dankbaarheid en waardering voor je zegeningen voelen, iemands hulp vragen en ook hulp accepteren.

Leven in de stroom van geven en nemen, wilt niet zeggen dat je van de mens waaraan je gegeven hebt moet verwachten dat je van deze persoon ook zal krijgen. Leven vanuit geven en ontvangen is een vat dat werkzaam is vanuit de bron van ‘overvloed’. Overvloed wil zeggen dat er in elk moment van je leven voldoende aanwezig is om te geven en er meer dan genoeg ‘licht’ aanwezig is waar je ontvankelijk voor kan zijn.

Het licht in en rondom je verdwijnt nooit. Geven en Ontvangen maakt het leven meer dan de moeite waard. 

 Het is jouw vrije keuze je licht voor jezelf en anderen aan te wenden.


Lieve groet,

Myosotis M. - Lutghart


Blogposts